![]()


Kingoodie (near Dundee)
1810
Op 29 Mei wordt Andrew Alexander Bonar in Edinburgh, Schotland geboren. Hij is
de zevende zoon van James en Marjory Bonar. Als hij elf jaar is, overlijdt zijn
vader, maar zijn oudste broer James helpt zijn moeder met de dagelijkse zorg
voor het gezin.
1821
Andrew gaat naar de Hogere School in Edinburgh, en de Rector zegt, dat hij 'de
beste leerling in Latijn' is die hij ooit heeft onderwezen. Hij begint ook een
liefde voor het Grieks te krijgen, en later ook voor het Hebreeuws.
1828
Op 21 Augustus begint hij een dagboek bij te houden. "Dit was de tijd
waarop een notitie begon te maken van mijn gedachten en van God's
handelen." Gedurende de volgende twee jaar beklaagt hij het feit dat hij
nog niet behouden is. "Ik ben nog steeds zonder Christus en zonder hoop.
Ik haat de zonde niet; ik ben Christus niet ijverig aan het zoeken, en de reden
dat ik hem zoek is meer omdat ik niet gelukkig ben in deze wereld, dan om iets
anders."
1830
Aan het eind van dit jaar leest hij 'Des Christens groot interest' van Guthrie,
en hij begint de hoop te koesteren dat hij toch werkelijk gelooft in de Heer
Jezus. In een brief aan zijn broer John vraagt hij om advies, en op 26 December
wordt hij ondervraagd in zijn geloof door Dr. Jones. Hij krijgt toestemming aan
het Avondmaal to mogen gaan.
1831
Hij viert zijn eerste Avondmaal op 9 Januari, en schrijft: "Van tevoren
heb ik gebeden om meer liefde voor de zielen van mensen, meer begrip in het
Woord van God, en meer kracht om mijn gedachten te controleren. Ik voelde
weinig opwinding, maar veel innerlijke rust aan de Tafel. Ik geloof dat ik meer
kracht heb gekregen om op God te zien."
In hetzelfde jaar begint hij ook zijn theologische studie. Hij had willen
wachten todat hij 'in Christus' was, en dat betekende een wachttijd van twee
jaar.
1835
Nu zijn studie beeindigd is, begint hij met een proeftijd in pastoraal werk in
Jedburgh. Zijn eerste preek op 5 Juli over Jesaja 55:1-3 wordt met veel zorg
voorbereid. In de week daarop is het Vastendag in de Kerk van Schotland. 's
Morgens preekt hij in de gevangenis, en 's avonds in Fendyhall. Hij schrijft:
"Tussen de preken door heb ik gemediteerd over het kwaad van de
zonde."
![]()
ONDER CONSTRUCTIE
Literatuur | Theologie | Het Joodse volk| Links
Juli 2001